Geluid meten

Geluid is objectief te meten, in decibels. Vanaf "erg stil" in een bibliotheek bij een geluidniveau van 30 decibel, naar "zeer luid" bij het dichtbij passeren van een vrachtwagen (circa 100 decibel), tot aan de pijngrens bij 140 decibel wanneer een straalvliegtuig op 300 meter hoogte overvliegt.

Vier van de tien Nederlanders heeft last van lawaai. Wegverkeer zorgt voor de meeste hinder, gevolgd door buren (omgevingslawaai) en vliegverkeer. Andere bronnen van geluidsoverlast zijn bedrijven en spoorwegverkeer. Als je meer geluiden hoort, dan je eigenlijk zou willen horen, dus als je last hebt van geluid, dan spreken we van geluidhinder. Geluidhinder is echter veel moeilijker te registreren. Wat voor de één hinderlijk is, vindt de ander normaal. Ook is vaak sprake van gewenning. Iemand die heel zijn leven naast een snelweg heeft gewoond zal gewend zijn aan het geluid, terwijl iemand afkomstig uit een rustig dorp dat wel als hinder zal ervaren.

Onze geluidspecialist kan u informeren over maatregelen als u geluidoverlast ondervindt.